Zorgorganisaties beheren vaak een gevarieerde vastgoedportefeuille: van een verpleeghuis en een verzorgingshuis tot een gezondheidscentrum, een huisartsenpost of een klein wijkgebouw. De vraag die daarbij steeds terugkomt: heeft dit gebouw een energielabel nodig, en zo ja, wanneer? In dit artikel leest u hoe de labelplicht voor zorgvastgoed in 2026 werkt, waarom de bekende label C-plicht hier niet geldt, hoe het label wordt berekend en hoe u met de DUMAVA-subsidie de verduurzaming betaalbaar houdt.
Heeft een zorggebouw een energielabel nodig?
Een gebouw met een gezondheidszorgfunctie valt onder de utiliteitsbouw. Voor utiliteitsgebouwen geldt een energielabelplicht op een aantal vaste momenten: bij verkoop, bij verhuur en bij oplevering van een nieuw of ingrijpend gerenoveerd gebouw. Verkoopt of verhuurt u een verpleeghuis, een praktijkpand of een gezondheidscentrum, dan moet er dus een geldig energielabel zijn. Ook bij nieuwbouw hoort een label bij de oplevering.
Het label wordt berekend volgens de NTA 8800, dezelfde rekenmethode die ook voor woningen geldt, en wordt geregistreerd in de landelijke database EP-online van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Een energielabel voor utiliteit mag alleen worden opgesteld door een gecertificeerd energieadviseur na een opname ter plaatse. Het label is daarna tien jaar geldig. Wilt u weten wat het opstellen van een label voor een pand kost, lees dan onze uitleg over de kosten van een energielabel voor een bedrijfspand.
De label C-plicht geldt niet voor zorggebouwen
Een veelgemaakt misverstand: de verplichting om minimaal energielabel C te hebben, geldt niet voor zorggebouwen. Die label C-plicht bestaat sinds 1 januari 2023 en geldt uitsluitend voor kantoorgebouwen met een gebruiksoppervlakte van 100 vierkante meter of meer. Een verpleeghuis, verzorgingshuis of gezondheidscentrum valt hier dus niet onder. U bent voor deze panden niet verplicht om een bepaald labelniveau te halen.
Let wel op een nuance: heeft uw organisatie een zelfstandig kantoorgebouw in gebruik, bijvoorbeeld een apart hoofdkantoor, dan kan voor dat pand de label C-plicht wel gelden. Twijfelt u of een deel van uw vastgoed als kantoor telt? Dan is het verstandig dit vooraf te laten toetsen. Meer over de precieze grenzen leest u in ons artikel over de uitzonderingen op de energielabel C-plicht voor kantoren.
Wanneer geldt de labelplicht niet?
Ook de gewone labelplicht kent uitzonderingen. Een energielabel is onder meer niet verplicht voor:
- gebouwen kleiner dan 50 vierkante meter;
- rijksmonumenten en beschermde monumenten;
- tijdelijke gebouwen die maximaal twee jaar worden gebruikt;
- gebouwen die worden gebruikt voor erediensten en religieuze activiteiten;
- bepaalde industrie- en agrarische gebouwen met een laag energiegebruik;
- gebouwen die op korte termijn worden gesloopt.
Voor het overgrote deel van het zorgvastgoed geldt de labelplicht dus gewoon zodra u verkoopt, verhuurt of oplevert. Verhuurt u bijvoorbeeld ruimten aan zelfstandige zorgverleners, dan hoort daar een geldig energielabel bij.
Zo wordt het energielabel voor zorgvastgoed berekend
Bij een zorggebouw kijkt de adviseur naar de volledige energieprestatie van het pand. De uitkomst is een letter van A tot en met G, gekoppeld aan een getal in kWh per vierkante meter per jaar voor het primaire fossiele energiegebruik. Anders dan bij een gemiddelde woning wegen bij zorgvastgoed installaties vaak zwaar mee: denk aan ventilatie, koeling, warmwaterbereiding en verlichting. Ook het gebruiksprofiel en de openingstijden spelen een rol.
Dat maakt de opname van een zorggebouw meestal uitgebreider dan die van een woning. Goede tekeningen, installatiegegevens en informatie over eerder uitgevoerde maatregelen helpen om het label scherp en correct te krijgen. Wilt u de verschillen tussen een woning- en een utiliteitslabel begrijpen, lees dan ons artikel over energielabel woning versus bedrijfspand. De aanpak lijkt sterk op die voor andere maatschappelijke gebouwen, zoals we beschrijven in ons stuk over het energielabel voor een school of onderwijsgebouw.
Verduurzamen van zorgvastgoed: de richting
Ook zonder wettelijke labelverplichting is verduurzaming voor zorgorganisaties belangrijk. De energierekening van zorgvastgoed is fors, en de sector heeft zichzelf via afspraken over maatschappelijk verantwoord ondernemen doelen gesteld om het energiegebruik en de CO2-uitstoot terug te dringen. Een logische volgorde is eerst de schil aanpakken (isolatie, glas, kier- en luchtdichtheid) en daarna de installaties verduurzamen, bijvoorbeeld met een warmtepomp, warmteterugwinning of zonnepanelen.
Op Europees niveau is met de herziene richtlijn energieprestatie gebouwen (EPBD IV) afgesproken dat het energiegebruik van de utiliteitsbouw stapsgewijs omlaag moet. Hoe Nederland dit precies gaat invullen voor zorgvastgoed, met eventuele minimumnormen en tijdlijnen, was medio 2026 nog niet volledig uitgewerkt. Dit is dus een aandachtspunt om in de gaten te houden, maar de exacte eisen staan nog niet vast. Een goed onderbouwd verduurzamingsadvies helpt u om nu al de juiste keuzes te maken en investeringen slim te faseren.
DUMAVA-subsidie 2026 voor zorgorganisaties
Zorgvastgoed wordt gerekend tot het maatschappelijk vastgoed. Daardoor kunnen zorgorganisaties gebruikmaken van de Subsidieregeling duurzaam maatschappelijk vastgoed (DUMAVA). Voor 2026 zijn de belangrijkste voorwaarden, gecontroleerd bij RVO in september 2026, als volgt:
- de aanvraagronde 2026 is geopend op 1 juni 2026 en sluit op 16 oktober 2026 om 17.00 uur;
- voor losse maatregelen bedraagt de subsidie 20 procent van de projectkosten, met een minimum van 2.500 euro en een maximum van 1,5 miljoen euro per aanvraag;
- voor een integraal verduurzamingsproject is dit 30 procent (en onder voorwaarden tot 40 procent bij een hoge energieprestatie of voor kleinere organisaties), met een minimum van 25.000 euro;
- bij een integraal project geldt als eis dat u minimaal drie labelstappen zet en minimaal tot energielabel B komt.
Belangrijk: DUMAVA werkt met een vast budget en volgens het principe op is op. Bij eerdere rondes was het budget snel uitgeput. Controleer daarom altijd de actuele stand en de volledige voorwaarden op de website van RVO voordat u kosten maakt, want bedragen en voorwaarden kunnen tussentijds wijzigen. Voor de aanvraag van een integraal project is vaak een recent professioneel advies of een CO2-routekaart nodig. Hoe zo’n subsidietraject in de praktijk verloopt, illustreren we in ons artikel over de DUMAVA-subsidie voor scholen.
Zo pakt u het aan
Wilt u het energielabel en de verduurzaming van uw zorgvastgoed goed regelen, dan is dit een verstandige volgorde. Breng eerst per pand in kaart of er een labelplicht speelt en of er al een geldig label in EP-online staat. Laat vervolgens waar nodig een actueel energielabel opstellen door een gecertificeerd adviseur. Combineer dat met een energielabelopname en een maatwerkadvies, zodat u meteen weet welke maatregelen het meeste effect hebben. Op basis daarvan bepaalt u de investeringsvolgorde en kijkt u of u de kosten met DUMAVA of andere regelingen kunt drukken.
Hulp nodig bij uw zorgvastgoed?
Encert stelt energielabels op voor woningen en bedrijfspanden en adviseert over verduurzaming en subsidies. Wilt u weten welke verplichtingen voor uw zorgvastgoed gelden, of wat de slimste route naar een beter label is? Neem contact met ons op voor een vrijblijvend gesprek. We denken graag met u mee over label, maatregelen en financiering.
Inhoud gecontroleerd en actueel in 2026.

