De Europese Unie heeft de richtlijn voor de energieprestatie van gebouwen herzien. Deze herziene richtlijn, vaak EPBD IV genoemd, bepaalt de komende jaren steeds strengere eisen voor nieuwbouw, bestaande woningen en bedrijfspanden. Voor eigenaren en verhuurders roept dat vragen op: wat moet ik straks regelen, en wanneer? In dit artikel zetten we de hoofdlijnen op een rij, met een duidelijk onderscheid tussen wat al vaststaat en wat nog wordt uitgewerkt.
Wat is de EPBD IV?
EPBD staat voor Energy Performance of Buildings Directive, de Europese richtlijn energieprestatie van gebouwen. De herziene versie, Richtlijn (EU) 2024/1275, trad in 2024 in werking. Lidstaten moesten de richtlijn uiterlijk 29 mei 2026 omzetten in nationale wetgeving. Nederland werkt die omzetting in fasen uit. Een deel van de regels is al bekend, terwijl andere onderdelen nog in wetgeving en uitvoeringsregels worden vastgelegd. Het kabinet informeerde de Tweede Kamer hier in 2026 over. Het nationale gebouwenrenovatieplan, waarin Nederland beschrijft hoe de gebouwenvoorraad in 2050 emissievrij wordt, moet eind december 2026 naar de Europese Commissie.
Belangrijk om te weten: de richtlijn stelt doelen en kaders vast, maar de precieze invulling per gebouwtype gebeurt in Nederlandse regelgeving. Op sommige punten is die invulling nog niet definitief. Waar dat zo is, benoemen we dat hieronder expliciet.
Nieuwbouw wordt nulemissiegebouw
Een van de duidelijkste onderdelen gaat over nieuwbouw. Nieuwe gebouwen moeten een nulemissiegebouw worden, in het Engels een zero-emission building. Voor nieuwe gebouwen van de overheid geldt dat vanaf 2028, voor alle nieuwbouw vanaf 2030. Een nulemissiegebouw heeft een zeer lage energiebehoefte, gebruikt geen fossiele brandstoffen ter plaatse en wekt zoveel mogelijk hernieuwbare energie op, bijvoorbeeld via een warmtepomp of aansluiting op een warmtenet in combinatie met zonnepanelen.
In de praktijk sluit dit aan op de al bestaande BENG-eisen voor nieuwbouw. De verwachting is dat de eisen verder worden aangescherpt richting het nulemissieniveau. De exacte rekenwaarden voor Nederland worden nog vastgesteld, dus de precieze getallen kunnen nog veranderen.
Bestaande gebouwen: minimumnormen en renovatietrajecten
Voor bestaande gebouwen maakt de richtlijn onderscheid tussen utiliteitsbouw, zoals kantoren en winkels, en woningen.
Voor utiliteitsbouw komen er minimum energieprestatienormen, ook wel MEPS genoemd. De inzet is dat de slechtst presterende utiliteitsgebouwen stapsgewijs worden verbeterd. Een genoemd ijkpunt is dat de zwakste panden per 1 januari 2030 minimaal een bepaald niveau moeten halen, met een verdere aanscherping richting 2033. De exacte niveaus per stap worden door de Nederlandse overheid vastgesteld en zijn op dit moment nog niet volledig definitief. Voor kantoren geldt daarnaast al langer de bekende label C-plicht. Wilt u weten waar uw pand staat, dan is een actueel energielabel het startpunt. Lees meer over energielabels voor bedrijven.
Voor woningen kiest Europa een andere aanpak. In plaats van een harde eis per woning geldt een collectief traject: het gemiddelde energiegebruik van de totale woningvoorraad moet omlaag, met tussendoelen richting 2030 en 2035. Op EU-niveau wordt gesproken over een daling van het gemiddelde primaire energiegebruik van ongeveer 16 procent richting 2030. Hoe Nederland dit precies vertaalt naar beleid voor individuele woningeigenaren, is nog in ontwikkeling. Voor u als woningeigenaar betekent dit dat er voorlopig geen verplicht minimumlabel per woning is aangekondigd, maar dat verduurzaming steeds meer de norm wordt. Een verduurzamingsadvies voor uw woning helpt u de juiste volgorde en de meest rendabele maatregelen te bepalen.
Zonne-energie, warmte en de fossiele ketel
De richtlijn bevat ook een gefaseerde verplichting voor zonne-energie op gebouwen. Deze verplichting wordt stap voor stap ingevoerd en start vanaf 29 mei 2026, waarbij per gebouwtype en per situatie verschilt wanneer die precies gaat gelden. De exacte Nederlandse invulling per categorie wordt nog uitgewerkt, dus controleer bij een concreet bouwplan altijd de actuele regels.
Daarnaast zet Europa in op het uitfaseren van verwarming op fossiele brandstoffen. Subsidies voor losstaande fossiele ketels worden afgebouwd, en het doel is dat fossiele verwarming op termijn verdwijnt. Voor de langere termijn wordt richting 2040 gekoerst. De concrete stappen en jaartallen voor Nederland kunnen nog wijzigen. Voor de meeste woningen betekent de richting vooral: eerst goed isoleren, daarna kijken naar een warmtepomp, hybride oplossing of warmtenet.
Het energielabel en het renovatiepaspoort
De EPBD IV vernieuwt ook het energielabel zelf. De rekenmethode en de weergave worden gemoderniseerd, zodat het label beter aansluit bij het werkelijke gebruik. Het label kreeg in Nederland al een nieuw ontwerp, zoals we eerder beschreven in ons artikel over het nieuwe ontwerp van het energielabel sinds 29 mei 2026. Op termijn wordt de letterschaal binnen Europa verder geharmoniseerd, met A als beste en G als slechtste klasse. De exacte planning van deze stappen kan per land verschillen.
Nieuw is verder het renovatiepaspoort, een vrijwillig instrument dat eigenaren helpt hun gebouw stap voor stap naar emissievrij te brengen. Het paspoort is bedoeld om vanaf najaar 2026 beschikbaar te komen en sluit aan op het energieadvies van een erkend adviseur. Ook komt er een centraal loket, het Energiehuis, waar bewoners en eigenaren terechtkunnen voor advies over verduurzaming.
Wat betekent dit concreet voor u?
De grote lijn is duidelijk, ook al staan niet alle details vast. Nieuwbouw gaat richting nulemissie, bestaande panden worden stap voor stap verbeterd, en het energielabel blijft de graadmeter waarmee dat wordt gemeten. Voor woningeigenaren is er geen reden tot paniek, maar wel een goede aanleiding om nu al na te denken over een verstandige verduurzamingsroute. Voor eigenaren van bedrijfspanden is het belangrijker: de minimumnormen voor utiliteitsbouw komen dichterbij, en wie op tijd begint, voorkomt hoge kosten en tijdsdruk later.
Een actueel energielabel is bij dit alles het logische startpunt. Het laat zien waar uw gebouw nu staat en welke maatregelen het meeste effect hebben. Bekijk daarvoor onze pagina over energielabels voor woningen, of neem direct contact met ons op.
Wilt u weten wat de EPBD IV concreet betekent voor uw woning of bedrijfspand? De adviseurs van Encert helpen u graag met een actueel energielabel en een helder verduurzamingsplan. Neem contact met ons op voor een vrijblijvend gesprek.
Let op: de EPBD IV wordt op dit moment nog vertaald naar Nederlandse wetgeving en uitvoeringsregels. De genoemde jaartallen, percentages en niveaus zijn gebaseerd op de stand van zaken in 2026 en kunnen nog veranderen. Raadpleeg voor uw specifieke situatie altijd de meest actuele informatie of vraag ons om advies.
Inhoud gecontroleerd en actueel in 2026.

