Sinds 1 januari 2023 moet vrijwel elk kantoor in Nederland minimaal energielabel C hebben. Veel eigenaren hebben die stap inmiddels gezet. De logische vervolgvraag is: loont het om verder te gaan naar energielabel A? In dit artikel zetten we de businesscase op een rij. We kijken naar de huidige regels, de plannen voor 2030 en de kosten en opbrengsten van de stap van C naar A. Waar cijfers onzeker zijn, benoemen we dat expliciet.

Waar staan we nu: de label C-plicht voor kantoren

De verplichting is helder. Een kantoorgebouw moet sinds 2023 minimaal label C hebben, wat neerkomt op een primair fossiel energiegebruik van maximaal 225 kWh per vierkante meter per jaar. Voldoet een pand daar niet aan, dan mag het volgens de regels niet meer als kantoor worden gebruikt. Gemeenten en omgevingsdiensten houden toezicht. Er zijn uitzonderingen, bijvoorbeeld voor kantoren kleiner dan 100 vierkante meter, panden waar de kantoorfunctie minder dan de helft van het oppervlak beslaat, en rijksmonumenten.

Volgens cijfers van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland voldeed begin 2026 ongeveer 84 procent van het kantooroppervlak aan label C of beter. Ongeveer 4 procent had label D of slechter en zo’n 12 procent had nog helemaal geen geregistreerd label. Deze percentages kunnen per meetmoment en bron iets verschillen, dus zie ze als indicatie van de richting: de meerderheid voldoet, maar een aanzienlijk deel nog niet.

Komt er een label A-plicht in 2030?

Dit is het belangrijkste punt om helder te houden. Er wordt al jaren gesproken over een streefdoel dat kantoren in 2030 gemiddeld label A zouden moeten hebben. Dat streefdoel komt voort uit oudere energieafspraken, maar het is op dit moment geen wet. Label A is in 2030 dus niet wettelijk verplicht voor kantoren, in tegenstelling tot de harde label C-eis van nu.

Tegelijk werkt de overheid aan nieuwe energieprestatie-eisen voor onder meer utiliteitsgebouwen. De richting van het beleid is duidelijk: strenger, niet soepeler. Voor uw businesscase betekent dit dat u niet moet rekenen met een zekere verplichting per 2030, maar wel met een reeel risico dat de lat de komende jaren omhoog gaat. Dat risico zelf is een argument om nu al vooruit te plannen, ook zonder harde deadline.

De businesscase: wat levert label A op?

De opbrengst van de stap naar label A zit in vier posten. Ten eerste lagere energiekosten. Een pand met label A verbruikt fors minder dan de drempel van 225 kWh per vierkante meter die bij label C hoort. Bij de huidige energieprijzen tikt dat structureel aan, al hangt het exacte bedrag sterk af van uw gebouw, gebruik en contract.

Ten tweede de waarde van het vastgoed. Panden met een goed label zijn beter verhuurbaar en verkoopbaar, en financiers kijken steeds vaker naar het energielabel bij de beoordeling van vastgoedfinanciering. Ten derde de vraag vanuit huurders. Grote organisaties met duurzaamheidsdoelen selecteren steeds vaker bewust op een groen pand. Ten vierde de bescherming tegen toekomstige regels. Wie nu naar A gaat, loopt niet het risico straks onder tijdsdruk en tegen hogere kosten te moeten verbouwen. Meer over de bredere context leest u in onze uitleg over ESG en de verduurzaming van uw bedrijfspand.

Wat kost de stap van C naar A?

Hier passen geen algemene bedragen, en we noemen ze daarom bewust niet. De kosten hangen af van het bouwjaar, de huidige staat van isolatie, glas en installaties, en van de vraag of u meelift op een natuurlijk vervangingsmoment. Een pand dat toch al toe is aan een nieuwe ketel of nieuw glas kan de sprong naar A relatief goedkoop maken. Een pand waar alles nog goed werkt, zal een grotere investering vragen om label A te halen.

De volgorde bepaalt sterk het rendement. Isolatie van dak, gevel en vloer en goed glas verlagen eerst de warmtevraag. Pas daarna loont het om te investeren in efficiente installaties zoals een warmtepomp, ledverlichting met sturing en zonnepanelen. Wie de stappen in de verkeerde volgorde zet, betaalt vaak te veel voor een te grote installatie. Een gerichte doorrekening voorkomt dat.

Zo bouwt u een onderbouwde businesscase op

Een goede businesscase begint met het huidige label en een concrete opname van uw pand. Daarna brengt u de maatregelen in beeld die nodig zijn om van uw huidige label naar A te komen, met per maatregel de verwachte investering, de besparing en de terugverdientijd. Vervolgens legt u daar de zachtere baten naast: waardebehoud, verhuurbaarheid en het verkleinen van het risico op toekomstige regelgeving. Neem ook mee welke subsidies en fiscale regelingen op dat moment gelden, want die veranderen jaarlijks en kunnen de rekensom flink verbeteren. Controleer die voorwaarden altijd op het actuele moment van aanvraag.

Zo’n analyse maakt van een gevoel een beslissing. In plaats van de vraag of label A duur is, krijgt u antwoord op de vraag welke maatregelen bij uw pand het meeste opleveren en op welke termijn. Encert stelt voor u een geldig energielabel voor bedrijven op en vertaalt de uitkomst met een verduurzamingsadvies voor bedrijven naar een concreet en gefaseerd plan.

Klaar om de businesscase voor uw kantoor door te rekenen?

Wilt u weten wat label A voor uw specifieke pand kost en oplevert? Wij nemen uw kantoor op, bepalen het huidige label en laten zien welke route naar A voor u het meest logisch is. Neem contact op met Encert voor een vrijblijvend gesprek, dan rekenen we de businesscase samen met u door.