Wie zijn energielabel wil verbeteren, kan grofweg drie kanten op: de schil isoleren, de installatie vervangen of zelf energie opwekken. Alle drie tellen mee in de labelberekening volgens de NTA 8800, maar niet op dezelfde manier en niet even zwaar. Een nuchtere vergelijking.

Zo rekent het label

Het label is gebaseerd op het primaire fossiele energiegebruik van de woning per vierkante meter per jaar. Simpel gezegd: hoeveel energie heeft het gebouw nodig voor verwarming, warm water en ventilatie, hoe efficiënt wordt die geleverd, en hoeveel wekt de woning zelf duurzaam op. Isolatie verlaagt de behoefte, een warmtepomp verhoogt het rendement, zonnepanelen compenseren wat overblijft.

Isolatie: het fundament van elke labelsprong

Bij oudere woningen met een matige schil is isolatie vrijwel altijd de grootste hefboom. Een ongeisoleerd dak of een lege spouw zorgt voor een hoge energiebehoefte, en dat drukt het label hard. Dak-, spouw- en vloerisolatie en het vervangen van enkel glas door HR++ leveren bij woningen met label E, F of G vaak al een sprong van meerdere klassen op. Bijkomend voordeel: isolatie verhoogt het comfort direct en de berekening waardeert een goede schil in elke volgende stap mee. Let wel op het bewijs: onzichtbare isolatie telt alleen mee met factuur of certificaat.

Warmtepomp: grote sprong, mits de woning er klaar voor is

De overstap van een cv-ketel naar een (hybride) warmtepomp scoort fors in de berekening, omdat een warmtepomp uit een eenheid stroom meerdere eenheden warmte haalt. In een redelijk geïsoleerde woning is dit vaak de maatregel die een woning van een C naar een A of hoger tilt. Maar in een slecht geïsoleerde woning is het rendement lager en blijft ook de labelwinst achter. Vandaar de klassieke volgorde: eerst de schil, dan de installatie.

Zonnepanelen: zichtbaar effect, maar geen wondermiddel

Zonnepanelen verlagen het fossiele energiegebruik direct en zijn daardoor een efficiënte labelverbeteraar per geïnvesteerde euro. Een gemiddeld dak vol panelen kan een klasse of meer schelen. Toch maken panelen van een slecht geïsoleerde woning geen topwoning: de hoge energiebehoefte blijft in de berekening staan. De schaal loopt van A++++ tot en met G, en de hoogste klassen zijn alleen haalbaar met een goede schil, een efficiënte installatie en opwek samen.

Wat kiest u met een beperkt budget?

  • Label E, F of G: begin bij de schil. Daar zit de grootste winst, voor het label en voor uw comfort.
  • Label C of D met een oude ketel: onderzoek een (hybride) warmtepomp, eventueel gecombineerd met glasverbetering.
  • Label B of A dat net tekortschiet voor uw doel: zonnepanelen zijn dan vaak de snelste laatste stap.

Laat het doorrekenen voordat u investeert

Elke woning is anders, en het effect van een maatregel op het label is exact door te rekenen met dezelfde methodiek waarmee het label wordt vastgesteld. Een verduurzamingsadvies laat per maatregel zien wat die kost, wat die bespaart en welk label ermee binnen bereik komt. Zo investeert u gericht in plaats van op gevoel.

Bekijk het verduurzamingsadvies, lees meer over het energielabel voor woningen of vraag direct aan.