U isoleert uw gevel, dak en vloer zorgvuldig, en toch valt het BENG-resultaat tegen. Vaak zijn thermische bruggen de oorzaak. Dit zijn plekken in de constructie waar warmte sneller ontsnapt dan door het omliggende oppervlak. In de BENG-berekening, die is gebaseerd op de norm NTA 8800, tellen deze plekken nadrukkelijk mee. In dit artikel leest u wat een thermische brug is, hoe die in de berekening terechtkomt en wat u kunt doen om de invloed te beperken.

Wat is een thermische brug?

Een thermische brug, ook wel koudebrug genoemd, is een onderbreking of verzwakking in de isolatieschil. De warmte zoekt daar de weg van de minste weerstand. Typische voorbeelden zijn de aansluiting van een balkon op de vloer, de overgang van gevel naar dak, de fundering bij de begane grondvloer, en de kozijnaansluitingen. Op die plekken is de warmteweerstand lokaal lager, waardoor er meer warmte verloren gaat. Naast energieverlies kunnen thermische bruggen ook zorgen voor koude oppervlakken aan de binnenzijde, met kans op condens en schimmel.

We onderscheiden lineaire thermische bruggen, die zich over een lengte uitstrekken zoals een vloerrand, en puntvormige thermische bruggen, zoals een enkele bevestiging. In de praktijk zijn de lineaire bruggen het belangrijkst voor de energieprestatie.

Waarom thermische bruggen meetellen in BENG

BENG staat voor Bijna Energieneutrale Gebouwen en kent drie indicatoren: BENG 1 voor de energiebehoefte, BENG 2 voor het primair fossiel energiegebruik en BENG 3 voor het aandeel hernieuwbare energie. Thermische bruggen werken vooral door op BENG 1 en BENG 2, omdat ze de transmissieverliezen verhogen. Hoe meer warmte er via de bruggen weglekt, hoe groter de energiebehoefte om de woning op temperatuur te houden. Het meenemen van thermische bruggen is geen extra optie in de berekening, maar een verplicht onderdeel van NTA 8800. Wilt u weten hoe de indicatoren onderling samenhangen, lees dan ook onze uitleg over bouwbesluitberekeningen.

Hoe NTA 8800 thermische bruggen berekent

De norm biedt grofweg twee routes. De eerste is de forfaitaire methode. Hierbij wordt een vaste opslag op de warmtedoorgang van de schil gerekend, zonder dat de details afzonderlijk worden onderbouwd. Dit is de snelle route, maar hij pakt vaak ongunstig uit. U rekent dan namelijk met een aanname aan de veilige kant, die meestal hoger ligt dan het werkelijke verlies bij een goed gedetailleerde constructie.

De tweede route werkt met psi-waarden, uitgesproken als psi. Een psi-waarde drukt uit hoeveel warmte er per meter lengte en per graad temperatuurverschil verloren gaat bij een specifieke aansluiting. Hoe lager de psi-waarde, hoe beter het detail. U kunt gebruikmaken van gestandaardiseerde psi-waarden uit bijlage I van NTA 8800, van erkende referentiedetails, of van een numerieke berekening van het specifieke detail. Hoe nauwkeuriger de onderbouwing, hoe realistischer, en vaak gunstiger, het resultaat.

Let op: aan de gedetailleerde route zitten voorwaarden. Bij afwijking van referentiedetails geldt in de regel een opslag op de psi-waarde. Ook moeten de bouwtekeningen kloppen met de werkelijke uitvoering, met een beperkte tolerantie. Wijkt de bouw af van de tekening, dan mag u de gunstige psi-waarden niet zonder meer gebruiken. De exacte opslagpercentages en toleranties liggen vast in NTA 8800 en de bijbehorende ISSO-publicaties, en kunnen bij normherzieningen wijzigen. Laat u daarom altijd door een adviseur informeren over de versie die op uw project van toepassing is.

Het effect op uw BENG-resultaat

Het verschil tussen de forfaitaire route en een berekening met echte psi-waarden kan aanzienlijk zijn. Bij een woning met veel geveloppervlak, balkons of uitkragende delen wegen de aansluitingen zwaar mee. Kiest u voor de forfaitaire opslag, dan kan het net het verschil maken tussen wel of niet voldoen aan de BENG 1 eis. Een gedetailleerde onderbouwing kost meer voorbereiding, maar levert vaak een lagere energiebehoefte op papier op, en dus meer ontwerpruimte. Wij noemen bewust geen vast aantal punten of procenten, omdat het effect sterk afhangt van de geometrie en de detaillering van uw specifieke woning.

Wat u kunt doen om thermische bruggen te beperken

De beste winst behaalt u in het ontwerp. Zorg voor een doorlopende isolatieschil, waarbij de isolatie zo min mogelijk wordt onderbroken. Denk aan het thermisch ontkoppelen van balkons, het doorzetten van gevelisolatie tot achter het kozijn, en het isoleren van de funderingsrand. Bij bestaande bouw is niet elk detail te herstellen, maar ook daar valt winst te boeken, bijvoorbeeld bij een grondige renovatie of een aanbouw. Een verduurzamingsadvies maakt inzichtelijk welke maatregelen bij uw woning het meeste opleveren, ook voor uw energielabel.

Onzekerheden en aandachtspunten

Twee zaken zijn belangrijk om te beseffen. Ten eerste zijn de precieze rekenregels, opslagen en referentiewaarden vastgelegd in NTA 8800 en de ISSO-publicaties 75 en 82. Deze normen worden periodiek geactualiseerd, dus controleer altijd welke versie voor uw aanvraag geldt. Ten tweede staat of valt een gunstige berekening met de kwaliteit van uw tekeningen en de uitvoering op de bouw. Mooie details op papier die in werkelijkheid anders worden gebouwd, leveren geen betere prestatie op en kunnen bij controle tot problemen leiden. Eerlijke invoer is dus in uw eigen belang.

Hulp nodig bij uw BENG-berekening?

Wilt u zeker weten dat de thermische bruggen in uw project correct en gunstig worden meegenomen? Onze adviseurs rekenen de aansluitingen met de juiste methodiek door en denken mee over slimme detaillering. Neem contact met ons op voor een vrijblijvende kennismaking of een offerte op maat.

Meer over dit onderwerp

Een energielabel, meetrapport of berekening nodig? Encert werkt vanuit Den Dolder in ruim 150 plaatsen. Bekijk ons werkgebied of bel 030 410 1070.