Een energielabel is verplicht voor zowel woningen als bedrijfspanden, maar de regels, de opname en de eisen verschillen behoorlijk. Verkoopt of verhuurt u vastgoed, of wilt u weten waar u aan toe bent? In dit artikel zetten we de belangrijkste verschillen tussen het energielabel voor een woning en dat voor een bedrijfspand op een rij, met de stand van zaken in 2026.
Dezelfde rekenmethode, andere gebouwen
Sinds 2021 worden alle energielabels in Nederland berekend met dezelfde methode: de NTA 8800. Dat geldt voor een rijtjeshuis net zo goed als voor een kantoor, een winkel of een schoolgebouw. De methode kijkt naar het primaire fossiele energiegebruik van het gebouw, uitgedrukt in kWh per vierkante meter per jaar. Op basis daarvan krijgt het pand een letter, van G voor zeer onzuinig tot A en hoger voor zeer zuinig.
Het grote verschil zit in het gebouw zelf. Bij een woning gaat het om verwarming, warm water, ventilatie en soms koeling. Bij een bedrijfspand komen daar functies bij die een woning niet kent, zoals verlichting van grote ruimtes, bevochtiging en soms uitgebreide koeling. Daardoor is de opname van een bedrijfspand vrijwel altijd complexer dan die van een woning. Wilt u weten hoe de opname voor een woning werkt? Lees dan meer over onze energielabels voor woningen.
Wanneer is een energielabel verplicht?
Voor beide typen vastgoed geldt dat een geldig energielabel verplicht is op drie momenten: bij verkoop, bij verhuur van een nieuwe huurovereenkomst en bij oplevering van nieuwbouw. Ontbreekt het label op zo’n moment, dan kan de Inspectie Leefomgeving en Transport een boete opleggen. Voor woningen ligt die boete lager dan voor bedrijfspanden.
Het belangrijkste verschil is dat een bedrijfspand daarnaast te maken kan krijgen met een minimumeis aan het label. Voor woningen bestaat zo’n algemene minimumeis op dit moment nog niet, al is die wel aangekondigd. Daarover verderop meer.
Label C-plicht voor kantoren: een eis die alleen bedrijfspanden raakt
Sinds 1 januari 2023 moet een kantoorgebouw minimaal energielabel C hebben. Voldoet een kantoor met een gebruiksoppervlakte vanaf 100 vierkante meter daar niet aan, dan mag het in principe niet meer als kantoor gebruikt worden. In 2026 is deze verplichting nog steeds van kracht en gemeenten sturen actiever op handhaving. Er gelden enkele uitzonderingen, bijvoorbeeld voor monumenten en voor panden waar de investering zich binnen tien jaar niet terugverdient.
Voor woningen bestaat er geen vergelijkbare label C-plicht. Een woningeigenaar mag een woning met label E, F of G nog gewoon bewonen. Deze eis is dus echt iets waar eigenaren en huurders van bedrijfspanden rekening mee moeten houden. Meer informatie vindt u op onze pagina over energielabels voor bedrijven.
Wat is aangekondigd voor de toekomst?
Door de herziene Europese richtlijn voor de energieprestatie van gebouwen (EPBD) komen er de komende jaren strengere eisen aan. Let op: de onderstaande maatregelen zijn aangekondigd en worden nog uitgewerkt in wetgeving. De exacte invulling en data kunnen dus nog wijzigen.
- Voor huurwoningen met label E, F of G is het voornemen dat deze uiterlijk op 1 januari 2029 verduurzaamd zijn naar minimaal label D. Deze eis wordt naar verwachting vanaf 2026 vastgelegd in het Besluit bouwwerken leefomgeving. Er komt geen verhuurverbod, en voor onder meer monumenten en kleine woningen gelden uitzonderingen.
- Voor utiliteitsgebouwen, zoals winkels, kantoren, scholen en zorggebouwen, worden vanaf 2030 nieuwe minimumeisen aan de energieprestatie verwacht.
De richting is duidelijk: zowel woningen als bedrijfspanden moeten stap voor stap zuiniger worden. Wie nu al verduurzaamt, loopt straks niet achter de feiten aan. Ons verduurzamingsadvies voor woningen helpt u een realistische volgorde van maatregelen te bepalen.
De opname: basis of detail
Bij een woning kan de adviseur soms kiezen tussen een basisopname en een uitgebreidere detailopname. Bij een bedrijfspand is een detailopname vrijwel altijd nodig, omdat het gebouw uit meerdere functies en installaties bestaat. De adviseur legt per gebouwdeel vast hoe het is opgebouwd en geisoleerd, en welke installaties er zijn. Daardoor kost de opname van een bedrijfspand doorgaans meer tijd dan die van een woning.
Voor beide geldt: een energieadviseur moet het pand ter plaatse bezoeken. Een geldig energielabel zonder opname bestaat niet. Bewijsstukken zoals bouwtekeningen, facturen van isolatie of installaties en foto’s helpen om het label zo gunstig en accuraat mogelijk vast te stellen.
Geldigheid en kosten
Een energielabel is voor zowel woningen als bedrijfspanden tien jaar geldig. Verandert er in de tussentijd veel aan het pand, bijvoorbeeld door een grote verbouwing of verduurzaming, dan kan het lonen om eerder een nieuw label te laten opstellen.
De kosten liggen voor een bedrijfspand meestal hoger dan voor een woning. Dat komt door de grotere oppervlakte en de complexere opname. De prijs voor een woning hangt vooral af van het type en de grootte, terwijl bij een bedrijfspand ook het aantal gebruiksfuncties en installaties meeweegt. Een vaste prijs is daarom niet te geven zonder de situatie te kennen.
Welk label heeft u nodig?
Kort samengevat: de rekenmethode is gelijk, maar de opname, de verplichtingen en de kosten verschillen tussen een woning en een bedrijfspand. Twijfelt u welk label u nodig heeft, of wanneer? Wij denken graag met u mee en stellen zowel voor woningen als voor bedrijfspanden een erkend energielabel op. Neem contact met ons op voor een vrijblijvende prijsopgave of een advies op maat.

